vetten

Wat zijn vetten?
Vetten vormen de basis van de dagelijkse voeding. Zonder de inname van vet zouden mensen niet kunnen overleven. De Duitse Nutrition Society (DGE) adviseert dat 25 tot 30 procent van het voedsel uit vetten moet worden gemaakt, die ongeveer 60 tot 80 gram vet per dag. Er zijn echter grote kwalitatieve verschillen in vetten. Naast dierlijke en plantaardige vetten kunnen vetten ook worden onderverdeeld in verzadigd, onverzadigd en meervoudig onverzadigd. Vetten hebben twee keer zoveel calorieën als koolhydraten en eiwitten. Een langere termijn toevoer van vetrijk voedsel kan leiden tot zwaarlijvigheid (obesitas) en daarmee verbonden complicaties zoals hypertensie en hartziekte.
Verzadigde en onverzadigde vetzuren
Verzadigde vetzuren komen voor in dierlijke producten zoals vlees, vette kaas, eidooier en doorregen vlees cholesterolgehalte in het bloed te verhogen, wat bijdraagt tot een verharding van de slagaders (atherosclerose) met verhoogde consumptie. Daarentegen plantaardige vetten zijn vaak rijk aan onverzadigde en meervoudig onverzadigde vetzuren die daadwerkelijk de zogenaamde slechte cholesterol (LDL) kunnen verlagen. Deze vetten zijn bijvoorbeeld opgenomen in veel notenvariëteiten, zaden en plantaardige oliën. (Vb)

(Foto 1: petrrgoskov / fotolia.com)